Wat vindt NRC | Het Hof in Straatsburg ten spijt moet klimaatbeleid tóch echt van de politiek komen

[ad_1]

Met zestien tegen één kwalificeerde het Europese Hof in Straatsburg deze week een ‘effectief klimaatbeleid’ als een mensenrecht, namelijk dat ter bescherming van het gezinsleven. (En nee, dit is niet het hoogste EU-gerechtshof in Luxemburg, maar het mensenrechtenhof van de Raad van Europa met 47 lidstaten).

De uitspraak van het EHRM in de zaak ‘klimaatoma’s’ tegen Zwitserland wordt door advocaten niet als onverwacht ervaren, maar wel als baanbrekend. Deze en vele andere klimaatproblemen zijn een neveneffect van de door de mens veroorzaakte opwarming van de aarde. En daarmee de enorme zorg voor een leefbare toekomst die dit met zich meebrengt. Hoe dan ook is het Straatsburg-arrest gezaghebbend en zal het invloedrijk zijn, ook elders in de wereld.

Inhoudelijk past het in een ontwikkeling waarin de Haagse rechter met het Urgenda-arrest uit 2015 het voortouw nam. Toen al werd geoordeeld dat een overheid de mensenrechten van burgers schendt door de uitstoot van broeikasgassen niet te beperken. Sindsdien zijn er duizenden klimaatzaken geweest waarin burgers of belangengroepen vaak met succes hun mensenrechten doen gelden tegen falende regeringen.

Dus nu zegt het Europese Hof voor de Rechten van de Mens in de zaak Zwitserland dat het ‘de belangrijkste taak van een verdragsluitende staat’ is om ‘binnen drie decennia’ effectieve maatregelen te nemen die ‘onomkeerbare negatieve gevolgen voor de mensenrechten op grond van Artikel 8” zal plaatsvinden. Dus laten we beginnen. Hoewel het een termijn van dertig jaar betreft, laat de verdragsstaat Zwitserland nog steeds een vrij ruime ‘marge van discretionaire bevoegdheid’.

Lees ook
Rechters in duizenden klimaatzaken kijken naar Straatsburg

Aanhangers van de Zwitserse 'KlimaSeniorinnen' bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

Dat typische Straatsburg-concept ‘Marge van waardering‘ onderstreept tegelijkertijd de autonomie en verantwoordelijkheid van de lidstaten. En het vat de oprechte ambitie van de rechters om terughoudendheid te handhaven goed samen. Ook voor zelfbescherming. Met het begrip marge proberen rechters altijd het verwijt te weerleggen dat zij politici in de weg zitten of zelfs willen staan. Straatsburg past het verdrag toe, interpreteert het en bepaalt de norm via de zaken die het voorlegt. Maar heeft verder geen beleidsambities of politieke doelstellingen. Het Hof laat de lidstaten graag hun eigen ruimte en tijd om de arresten ten uitvoer te leggen.

Dit gebeurt zelden bij wantrouwige politici die zich snel tegengesproken voelen en liever zelf de controle houden. Zij ontmoeten hun burgers het liefst alleen maar om de paar jaar in het stembureau. En liefst niet onverwachts als eiser in de rechtszaal, met grote kans op gelijk in een dwingend Europees vonnis. Het EVRM is bovendien op unieke wijze toegankelijk: het biedt iedere burger van een ondertekenende staat die ‘thuis’ alle procedures heeft doorlopen de mogelijkheid om zijn klacht opnieuw te laten beoordelen. Dit vereist een besef van de rechtsstaat van de politieke klasse in de verdragsstaten – en dus het talent en de moed om zich te laten aanpassen. Dankzij de veiligheidsklep van de ‘beoordelingsmarges’.

Praktisch gezien lijkt het wenselijk dat politici nu het initiatief nemen. Een fundamenteel recht op een schoon, gezond en duurzaam milieu lijkt onontkoombaar. Waarbij vervolgens politiek afgesproken kan worden welke inhoud het moet hebben voordat de rechter het opnieuw moet invullen. Voor Nederland betekent dit een aanscherping van de kunst. 21 Grondwet. Dit heeft nu alleen betrekking op de zorg van de regering, die ‘gericht is op de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het milieu’. Dat mag, nee, dat moet beter.

En rechters zullen daarna ongetwijfeld met nieuwe mensenrechtenvragen worden geconfronteerd. Nu draait het allemaal om het terugdringen van de uitstoot. Als dat teleurstellend blijkt te zijn, wat nu al waarschijnlijk lijkt te zijn, zullen burgers zeker een verplichte aanpassing aan de gevolgen van de opwarming van de aarde eisen. Tijdige afkoeling van bijvoorbeeld onleefbaar warme steden en van publieke voorzieningen. Tijdig aangelegde waterbergingen, effectieve brandgangen in bossen, aangepast transport, gereorganiseerde land- en tuinbouw. Dit moet eerst in de politiek besproken worden. Milieubeleid mag uiteraard niet in de rechtszaal worden geschreven, volgens de agenda van gewone burgers of belangengroepen. Rechtbanken moeten het laatste redmiddel blijven als al het andere tot stilstand is gekomen. En dat voorkomen is een politieke taak.




[ad_2]

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *