Overal diepe kuilen. De zandweggetjes bij Noordlaren zijn er slechter aan toe dan ooit: ‘De visite durft er niet overheen’

[ad_1]

In de zomer zijn ze goed voor mooie foto’s, maar in de winter gaat het van kwaad tot erger met de onverharde wegen rond Noordlaren. Auto’s lopen vast, bezoekers durven niet meer te komen en ondernemers raken klanten kwijt.

Annet Boekel woont al negentien jaar aan de Duinweg in Noordlaren. Maar ze heeft nog nooit zoiets ergs meegemaakt als de onverharde weg voor haar huis nu. De kuilen in de weg zijn zo diep en het zijn er zoveel dat Boekel haar eigen straat zoveel mogelijk vermijdt. Als ze richting de A28 wil rijden, moet ze ongeveer vier kilometer omrijden. En als ze bezoek krijgt, haalt ze haar bezoekers zelf op van de verharde weg.

“De bezoekers durven er niet met een gewone auto overheen, want dan kom je onvermijdelijk vast te zitten”, zegt Boekel. Haar auto heeft vierwielaandrijving en staat hoger op de wielen, waardoor ze zich zelfverzekerder voelt. “Het is zelfs zo erg dat een vrouw van in de tachtig haar thuiszorgmedewerker van de verharde weg ophaalt, omdat ze al vastgelopen is en het niet meer durft. En onlangs heeft iemand de auto een nacht laten staan ​​omdat hij vastzat.”

Boer trekt vastzittende auto’s eruit

Niet alleen de Duinweg verkeert in slechte staat. Ook de toestand van de Pollseweg en de Beveldenveenseweg is volgens de bewoners erbarmelijk slecht. Zij stuurden daarom samen met Dorpsbelangen Noordlaren een spoedbrief naar de gemeente Groningen. Maar de brief geldt eigenlijk voor vrijwel elke onverharde weg in de voormalige gemeente Haren, zegt bestuurslid Luuk Hoenderken van Dorpsbelangen.

De Osdijk – waar toeristen in de zomer met de pont naar Meerwijck oversteken – is een puinweg, maar in minstens zo slechte staat. De bekendste en meest gebruikte onverharde weg is misschien wel de Hoge Hereweg richting Paviljoen Appèlbergen in Glimmen, maar ook deze zit vol diepe kuilen. En vergeleken met de rest is dat nog steeds een ‘goed’ pad.

Hoenderken is boer en heeft zijn tractor al tientallen keren moeten gebruiken om vastzittende auto’s eruit te trekken. “Ik denk dat ik vorig jaar zo’n vijftig auto’s heb geholpen, en ik ben niet de enige.” De meeste mensen die zijn hulp nodig hebben zijn bezoekers, zoals van het Natuurvriendenhuis en camping De Hondsrug. Vanwege de slechte staat van de wegen in deze tijd van het jaar is het alleen in het weekend geopend.

“De kuilen zijn zo diep dat je met de onderkant van de auto vast komt te zitten in het zand”, legt Hoenderken uit. “En dan kun je niet meer vooruit.” Naast de mensen die vast komen te zitten, zijn bumpers en andere auto-onderdelen vernield.

DVHN regionale rondleiding

Verslaggevers van Dagblad van het Noorden gaan wekelijks op pad voor de DVHN Regiotour. Ze gaan naar plekken waar bijzondere, ontroerende of grappige verhalen kunnen worden vastgelegd. Heb je enige suggesties? Mail dan naar groningen@dvhn.nl of drenthe@dvhn.nl .

Met de auto over het fietspad

Mans Vos heeft zijn palingrokerij op de eerder genoemde Osdijk. Een weg gemaakt van gebroken puin. Maar de staat van de Osdijk is zo slecht dat Vos en zijn buren meestal met de auto over het verharde fietspad rijden. Het is de minst slechte optie, meent Vos. “Dat fietspad is twee meter smal. Als je een stukje van het pad afwijkt, kom je in de sloot terecht. Maar op het fietspad heeft de auto veel minder schade.”

Hij is ervan overtuigd dat de gaten in de weg Vos klanten kosten. “Ik hoor mensen letterlijk zeggen: ik kom niet als die weg zo is.” Hij kan het zijn klanten niet echt kwalijk nemen dat ze voorzichtig zijn met hun auto’s. “Er moet gewoon meer werk worden verzet op die weg.”

Zelfmanagement is een goede zaak

Bij Paviljoen Appèlbergen blijven klanten – slalommend om de kuilen te ontwijken – voorlopig nog wel komen. Wat vooral opvalt aan de Hoge Hereweg is dat de eerste helft van de weg vol kuilen zit en dat de tweede helft meevalt. Hoe is dat mogelijk? “Dat komt omdat ik de tweede helft beheer”, zegt paviljoeneigenaar Robert Boverhof. “De eerste helft van de weg is van de gemeente en de tweede van Staatsbosbeheer, maar ik ben al veertig jaar verantwoordelijk voor het onderhoud ervan.”

Boverhof vult de gaten in zijn deel van de weg met gebroken asfalt. “Dat blijft veel beter hangen”, zegt hij. “De gemeente vult de gaten met granuliet, maar na één regenbui spat het eruit. Zonder overdrijven hoor ik honderden keren per dag van gasten hoe slecht de weg is. Er is geen klant die er niet over begint.”

Geen asfalt, maar onderhoud

Toch is Boverhof ook niet op zoek naar een gladde asfaltweg. “Nee, daar word ik niet blij van”, zegt hij resoluut. “Ik loop al meer dan veertig jaar op een onverharde weg. Ook past een verharde weg niet bij de charme van het bos en gaan mensen automatisch harder rijden.” Het liefst zou hij ook het eerste deel van de weg overnemen. “Maar ik denk niet dat de gemeente dat wil.”

Wonen op het platteland aan een onverharde weg, verwachten Annet Boekel en Mans Vos ook geen biljarttafel voor de deur. “Je weet dat het erg kan zijn als je aan een onverharde weg woont”, zegt Boekel. “Dat vind je vanzelfsprekend.” Zo was de periode vóór de zomer erg droog, wat stuifzand met zich meebracht. “Dat hoort erbij en daar hebben wij geen probleem mee. Maar met mensen die vastlopen.”

De bewoners van de onverharde wegen willen dat de gemeente meer aan het onderhoud doet. Wethouder Mirjam Wijnja (GroenLinks) betwist dat de gemeente te weinig onderhoud uitvoert. “De bereikbaarheid is afhankelijk van het weer de laatste tijd, want het heeft ongelooflijk veel geregend”, zegt ze. Er zijn reparaties uitgevoerd, maar voor een echt goed resultaat is groter materieel nodig. “En dat kan daar nu niet gebeuren. Maar zodra de omstandigheden het toelaten, zullen we de wegen herstellen.”

Annet Boekel hoopt dat die woorden iets waard zijn. “Als het weer verbetert, moeten ze de weg onmiddellijk dichtgooien, zodat het water in de sloten kan worden afgevoerd.”

[ad_2]

Leave a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *